Top

Bangkok dus.. waar moet ik beginnen? Wat een stad. Wat ik ondertussen mee krijg is dat Thailand 2 gezichten heeft. Als ik in het toeristische gedeelte van Amsterdam rondloop dan zie ik dat het (gelukkig) niet heel Nederland vertegenwoordigd. Het zou wat zijn als heel Nederland rode lampen voor haar ramen heeft hangen waar de mensen al kotsend voorbij rollen midden in de nacht. Zo moet je ook naar Bangkok kijken vind ik. Je moet het gewoon even 2 of 3 dagen over je heen laten komen, er hier en dan hard om lachen, 3 biertjes te veel drinken en dan moet je snel weg gaan, door naar een wat gemoedelijker Thailand. Dat heb ik dan ook precies zo gedaan. Direct nadat ik geland ben en ik 2x m’n t-shirt uitgeknepen heb snel door naar de taxistand. Even wachten op wat jong volk. Ongeveer 99,9% van de youngsters gaat namelijk eerst een party vieren in de party area van Bangkok “Koa San Road”.. en laat ik daar nou net m’n hotel geboekt hebben. Kunnen we mooi een taxi delen, scheelt 66% van de prijs – je bent backpacker of je bent het niet.. nog geen 5 minuten later zit ik in de taxi met 2 Duitse insecten-goeroes. Die komen net terug van een of andere insecten jacht in de jungle.. Later, als we Instagram hebben uitgewisseld zodat we later die avond even een Thai’s biertje kunnen drinken, snap ik hun verhaal beter. Die jongens hebben 100.000+ volgers op Instagram en posten over insecten. Hun werk blijkbaar.

About sightseeing: ik heb een heuse boottocht gemaakt over de rivier! Don’t judge me! Het sightseeing avontuur in Bangladesh moest gewoon even bezinken en hoewel ik Bangkok ook ken van haar mooie tempels heb ik dit een aantal jaar geleden allemaal al gezien. Dus: thanks Bangkok voor mij wel welkom heten in het land, maar ik ben er weer vandoor!

``Slove U House - een super leuk kleinschalig groen hostel met de beste kokos of orange koffie ever``

Knock knock… crisis! het skelet van een mammoet voelt zachter aan dan de seat die ik blijkbaar heb gereserveerd in de trein van Bangkok naar Khon Kaen. Nu begrijp ik beter hoe het mogelijk is dat een 8 uur durende rit maar EUR6 kost. Dit is hardcore! Prima voor het eerste uur maar de 7 opvolgende uren worden wat ongemakkelijk.. de opsluiting in Bangladesh voelde comfortabeler aan. Alhoewel het niet comfortabel is merk ik dat het nog oncomfortabeler kan zijn. Op de koude grond zit een moeder met haar 2 dochters van, ik schat 2 jaar en 10 jaar oud. Ik herken de vrouw van het perron even hiervoor. Ik verwonderde waarom zij -en iedereen op het perron plots leek te zijn bevroren. Stipt 18:00 galmde het (ik denk) volkslied door de speakers van het station en stopte abrupt iedereen met lopen, praten en bewegen. Direct na het einde ontdooiden de mensen en vervolgde iedereen zijn weg. Later begrijp ik dat dit uit respect voor het koningshuis is. Geen idee waarom maar het het kleinste dochtertje intrigeert mij. Verbazingwekkend hoe relaxed en rustig ze is, alsof ze totale vrede heeft met de situatie. Ik daarentegen heb dat niet en bied de moeder mijn seat aan.. mijn backpack kan immers ook gewoon dienst doen als zitting, maar ze weigert. Goed. Khon Kean dus.. Noord-Oost Thailand. Het overgrote deel van de reizigers gaat naar de zuidelijke eilanden of naar het Noordelijke Chiang Mai en slaan deze stad over. Reden temeer om er juist naar toe te gaan en het andere gezicht van Thailand te leren kennen. Om 02:00 komt de trein aan en zet de TukTuk me voor de 2e keer af bij het hostel omdat we de eerste keer beiden het hostel simpelweg niet hadden geïdentificeerd als hostel tussen al het groen van de voortuin. Redelijk hilarisch om met een dubbelloops herrie makende TukTuk door een slapende stad rond te crossen op zoek naar een hostel die je al hebt gevonden.

``weinig toeristen zullen dit restaurant overigens kunnen vinden; volledig retro en heerlijke gerechten``

Leuke stad met, zoals overal in Thailand, een aantal mooie tempels. Maar 1 m’n favoriet. De Phra Mahathat Kaen Nakhon. Eentje waar je zo’n 11 verdiepingen naar boven kunt klimmen en de stad kunt overzien. Aangezien ik niemand wil vermoeien door elke tempel, grappige straathond en restaurant te beschrijven wrap ik het even samen als: ‘worth to go’. In het hostel, wat overigens een super leuk kleinschalig groen hostel is -met de beste kokos of orange koffie ever- raak ik aan de praat met een dame welke wat verderop een pizza place runt. Wie kan je beter de stad laten leren kennen dan iemand die er vandaan komt? Er volgt een leuk groot “silk” festival, leuke barretjes van Jazz-bars tot hippe dance spots en een restaurant vlak voor vertrek waar ik het beste Thais eten tot nu toe voorgeschoteld krijg! Geen toerist zal die spot overigens kunnen vinden; totaal weggestopt langs een treinspoor. Nou jah; uitgezonderd degene welke dit leest: locatie Top.

``monniken die traditioneel in de ochtend stipt 06:00 uit de bergen komen om eten te krijgen van de dorpelingen``

Stop!! Gillend rent de bus-dame achter een ander busje aan. Kennelijk kent zei het busje en weet ze dat ik met dat busje het laatste uurtje van de, inmiddels al 10 uur durende reis, m’n reis moet vervolgen. Het busje, nou ja busje.. de truck met laadbak achterop voor mensen, geeft direct gehoor en trekt aan de noodrem. Geen idee of het de goede laadtruck is, maar prima.. de bus-dame zal het wel weten. Wanneer de mensen in de laadbak weer opgekrabbeld zijn na de noodstop en men mij nog even aankijken -alsof ik aan de noodrem heb getrokken- kan in zitting nemen in de laadbak en kunnen we verder, verder naar Chiang Khan, mijn volgende bestemming waar ik een hartelijk welkom krijg door de plaatselijke TukTuk chauffeurs met lokaal bier. Dat mag je natuurlijk niet overslaan. Omdat ik op m’n navigatie zie dat de homestay waar ik zal verblijven op 3,5KM van de taxi stand ligt en TukTuk meneer me aanbied dit voor 40Bath (=1,5 euro) te rijden.. ja.. TukTuk dan. Een kleine 350 meter verder stopt de TukTuk meneer en wijst me de homestay aan?! What? Okay m’n Google Maps heeft me echt even beet genomen. De TukTuk meneer overigens is geheel in zijn element en tovert een grote grijns tevoorschijn achter z’n TukTuk-stuur.. zou ik ook doen als ik voor 350 meter 40Bath krijg.. Maar deal=deal. FF mee lachen – bier smaakte namelijk gewoon goed.

``Chiang Khan grenst aan deze rivier en aan de overkant van de rivier zie je Laos liggen``

Het meest kleine charmante vissersdorpje aan de Mekong rivier ever! Chiang Khan grenst aan deze rivier en aan de overkant van de rivier zie je Laos liggen. Als ik die avond door de walkingstreet straatjes slenter verzinkt ik in diepe gedachten. De tientallen lantarentjes aan de oude authentieke houten huisjes, kleine cosy restaurantjes en barretjes, de kraampjes, de gemoedelijke rust en vriendelijk knikkende mensen… het heeft een fijne rustende werking op je.  Wat een fijn plekje! Sommige raamluikjes beginnen om 21:15 te sluiten, dus ik moet echt opschieten. Ik heb me laten vertellen dat het dorpje tegen 22:00 wel echt gaat slapen.. dus nog even snel wat rijst met kip op de kop tikken ergens om daarna mee te doen in het ritme van het dorp. Vroeg slapen. Heerlijk. Onderweg, op weg terug naar de homestay, hoor ik plots muziek. Geen idee wat het is, ik kan het alleen verwoorden als een soort van Aziatische piano, maar dan anders. Wat ik wel kan is gewoon op de muziek afgaan. Een jonge vrouw zie ik in het donker van haar benedenverdieping met de ramen open het instrument bespelen. Het fascineert me maar ik wil haar niet storen, dus luister ik een tijdje uit haar zicht mee. Volledige stilte en dan dit. Onbetaalbaar.

De oudere dame van het homestay is ook echt een schat! In de ochtend komt er traditioneel ontbijt tevoorschijn en met handen, voeten en een woordenboekje -geen google translate!- hebben we leuke gesprekken. Na een tijdje begrijp ik het woordenboekje; de dame is namelijk tot haar pensioen lerares geweest. Daar doen ze aan boeken. Dus thuis in de homestay ook. Punt uit. Het voelt te goed het dorpje, ik kan gewoon nog niet weggaan.. de prachtige zonsopkomst aan de top van de berg in Phu Thok, de prachtige omgeving om met je rental moterbike door heen te rijden, de monniken die traditioneel in de ochtend stipt 06:00 uit de bergen komen om eten te krijgen van de locals in het dorp, het marktstraatje die in de avond oplicht door schemerig gelige lantarentje… het dorpje voelt nog niet als af. Dus ik verleng m’n verblijf. Waarom niet? Dat is de vrijheid van het backpacken!

``een berg met allemaal kleine tempeltjes met een fenomenaal uitzicht en rinkelende belletjes op de achtergrond``

Koud!!! Na wat inwendige scheldwoorden naar mijzelf stap ik op de motorbike en begin in aan de bittere tocht terug naar huis. 94KM om precies te zijn. Ik wist zeker dat ik een lange broek en een sweater in de ‘buddy’ van de moterbike had gepropt die ochtend! Niet dus! De dag ervoor had ik met pijn aan het hart afscheid genomen van de homestay-dame en het fijne plaatsje Chiang Khan en was ik naar Lampang afgereist per bus. Het plekje kwam ik tegen op internet als “een mix van culturen” en dat had me aangetrokken. Laat op de avond bereikte de trein het stadje en had ik mezelf naar het hostel toegelopen. Op de deur hing een briefje met mijn naam+welkom+ring the bell. Na 21:00 inchecken is namelijk ook in Lampang laat dus had de bel iemand wakker gemaakt die slaperig de deur had geopend en mij met een swiere beweging richting de deur van de slaapkamer had gewezen. Inchecken doen we denk ik de volgende dag dan maar? Te laat; de dame lag alweer op bed. Het huren van een motorbike gaf mij de mogelijkheid om die ochtend naar een plaatselijke waterval en hotsprings te gaan. Te relaxed! Het water was egg-boiling-warm | letterlijk ook! In bamboe-netjes worden tientallen eieren tegelijkertijd slow-cooked en even verderop had ik mezelf gekookt in super fijne natuurlijke warmtebaden. Iets waar ik over droom tijdens de bittere tocht terug naar huis. Op m’n slippers en enkel een t-shirt en zwembroek dragend is het danmm-cold op de moterbike welke ik was opgestapt na zonsondergang. De zonsondergang had ik namelijk gepland boven op de Wat Chalermprakiat. Een van de meest bijzondere en gave tempels die ik tijdens m’n reis heb aangedaan! Een stevige klim van 700 meter naar de top met de motorbike, een jeep en het laatste deel te voet over 700 treden gaf me toegang tot de tempels-in-the-cloud. Letterlijk. De berg met allemaal kleine tempeltjes boven de wolken met een fenomenaal uitzicht! Boah! Maar het enige waar ik nu aan denk is de warme douche die ik straks ga nemen bij terugkomst in het hotel. Tijdens de 1,5 uur durende tocht ontdek ik 2 dingen: je hebt verschillende warmtes en koudes als je door de bergen heen rijdt in een t-shirt -en de haarspeltbochten zijn niet verlicht in Thailand.

``te relaxed! het water is egg-boiling-warm``

Ook niet op de weg naar Pai. De chauffeur van het minibusje raast als een malle met beslagen ruiten door de haarspeldbochten heen en haalt aan de binnenkant van de bocht de rest in. In heb even ge-google-ed en de weg naar Pai kent 700 bochten en bij minimaal 33% van die bochten doet deze kamikaze piloot dit. Kerel! Mijn Safety-mind kan dat soort onzin niet aan! Een stuk chiller is het in Pai zelf. “I’m incredibly hungry, but I’m too lazy to take my bike downtown”. Dat is een beetje het niveau waar de reizigers die in Pai zijn gestrand op teren. Men heeft er zelfs een woord voor uitgevonden: als je geen *** hebt gedaan die dag, dan heb je een Pai-dag gehad. Okay. Het is hier super hip om niks te doen! Anyway – het dorpje hoog in de bergen is echt een klein laid-back-hippy-paradijs. Precies wat ik even zocht: even niks doen! Het hostel leent zich er prima voor.. in de ochtend ontdooien met koffie en yoga, in de middag slapen onder de zon -of in de hangmat en in de avond met muts, lange broek, sjaal en wollen vest jezelf warmhouden in een grote cirkel om het kampvuur heen– want het is koud! Heeeeeeel koud in de avond en nacht. De temperatuur zakt naar de 3 graden! Direct ook de reden dat overdag mensen onder de 25 graden zon slapen, aangezien je in de nacht om het half uur wakker bent. Ook de reden dat het hoogtepunt van de dag een bezoek aan de hotsprings is en dat het eerste half uur tijdens het opwarmen met koffie in de ochtend over de kou van die nacht gaat. Of over een silent retreatment van 14 dagen. Je schijnt niet hoger in de hippy-kaste te komen als je niet eenmaal voor minimaal 2 weken naar een klooster bent gegaan om 14 dagen stilte te ervaren tijdens de silent retreatment waar het verboden is om tegen elkaar te praten. Je verfijnt er je ziel met 2 kleine maaltijden per dag waarna je je leven overdenkt tijdens 4-dagelijkse 1,5 uur durende meditaties. Ja.. daar ben ik nog niet hippie genoeg voor op het moment denk ik. Maar wie weet; de reis is nog lang. Laten we starten met nog een biertje te pakken met de inmiddels hechte groep. Bier verfijnt namelijk ook de ziel. Verrassend zitten er ook een paar Nederlanders tussen.. toch weer leuk om even in je eigen taal te kunnen speken. Ook Pai voelt eigenlijk te goed om weer te verlaten. Waarom is het noorden van Thailand zo relaxed? Wat een goede keuze.. en dat met de wetenschap dat ik er nog meer dan een week mag genieten van de gastvrijheid van het land en haar inwoners.

post a comment